Vroege Vogelzang 4: vogels van wad, duin en kust
Herken de zang en het uiterlijk van de vogels van wad, duin en kust. Onze kust trekt jaarlijks miljoenen bezoekers, van de Wadden tot de Zeeuwse delta. Miljoenen vogels zoals: Visdief, Noordse Stern, Dwergstern, Grote Stern, Drieteenstrandloper, Paapje, etc. U vindt ze allemaal terug op de CD Vroege Vogelzang 4. Na beluistering van deze cd zult u snel de zang of roep herkennen en weten welke soorten deelnemen aan uw vogelkoor. Vogelexpert Nico de Haan geeft tips en suggesties om zo snel mogelijk de geluiden te herkennen. U kunt de uitleg en de vogelzang ook afzonderlijk beluisteren.
De variabele zang van de grauwe klauwier
De naam 'klauwier' slaat op de gewoonte van de vogels om een voorraadje prooidieren op te hangen aan de doornen van bramen of andere stekelige struiken. Grauwe klauwieren zijn trekvogels en overwinteren in zuidelijk Afrika.
Het ge'piep' van de graspieper
Het licht voor de hand, maar een graspieper is inderdaad een vogel die voornamelijk 'in het gras zit en 'piep' zegt'. Bij het opvliegen dan, want op de grond zijn de vogels muisstil. Vrijwel elk open gebied met een korte vegetatie - of het nu weilanden, duinen, akkers, heiden of hoogvenen zijn - wordt bewoond door graspiepers.
Het ge-'trak' van de roodborsttapuit
Roodborsttapuiten zijn vogels van open tot halfopen, vaak droge terreinen met enige struweelopslag of hoog opschietende kruiden, zoals heidevelden. Het goed verborgen nest wordt op of net boven de grond gebouwd.
Het ge-tsjèèr van de grasmus
De grasmus zélf is geen opvallende vogel, maar de zang compenseert dit volledig. Het is een markante, krassende zang, alsof de vogel erg zijn best doet maar gewoon niet zoveel 'talent' heeft.
Het ge-'poe-iep' van de bontbekplevier
De bontbekplevier is een kleine, stevig gebouwde plevier met brede zwarte borstband die smaller wordt in de nek. Hij heeft oranje poten en een oranje snavel met zwarte punt. De bontbekplevier een echte pioniervogel, die zich vaak als eerste op een geschikt zanderig terreintje vestigt.
Het ge-'kirrik' van een grote stern
De grote stern is een kustvogel, die koloniegewijs broedt op schorren, groene stranden en schaars begroeide eilandjes. In Nederland is het een typische soort van de Wadden en de Delta. Het voedsel bestaat uit tot 15 centimeter grote vissen als zandspiering, smelt, sprot en jonge haring. Het zijn trekvogels, die overwinteren voor de Westafrikaanse kust, tot aan Zuid-Afrika toe.

Het ge-kliep van een kluut
Kluten zijn kenmerkende pioniervogels die leven op de grens van land en zout of brak water. Vooral zilte kreken, schorren, inlagen en zandplaten zijn als broedgebied in trek. De nabijheid van ondiep water en losse, slikkige bodems is een vereiste, daar kluten liefst daarin naar voedsel zoeken.
Het ge-'ah-oe' van de eidereend
Eidereenden zijn echte zee-eenden. Ze komen uitsluitend langs de kust voor. Men ziet deze eend het hele jaar in het waddengebied. Ze eten schelpdieren, met een voorkeur voor kokkels en mossels, maar ook wel strandschelpen, alikruiken, strandkrabben en zeesterren. Er is een kern van vaste bewoners die in de Waddenzee broeden en overwinteren, daar komen in de winter vogels uit de Baltische Zee bij. De eidereend staat op de Rode Lijst van beschermde vogels. In de winters van 2000 en 2001 massaal gestorven. Voedselschaarste is de meest aannemelijke verklaring voor de verhoogde sterfte onder eidereenden.
Het ge-'kik' van een dwergstern
De dwergstern (Sterna albifrons) is een vogel uit de familie van de sternen (Sternidae). De dwergstern is de kleinste in Nederland voorkomende stern, die in de vlucht vooral opvalt door de zeer snelle vleugelslagen. In het zomerkleed is de dwergstern te herkennen aan het witte voorhoofd, dat bij de meeste andere sterns alleen in de winter wit is. De vogel jaagt biddend in de lucht op kleine vissen die zich vlak onder het wateroppervlak bevinden.
Het gekriiir van een visdief
Zoals alle sterns is ook de visdief een slanke vogel met een sierlijke vlucht. De visdief valt op door de lange, maar zeer smalle vleugels en de gevorkte staart. De vogel is moeilijk te onderscheiden van de nauw verwante noordse stern. De snavel van de visdief heeft in tegenstelling tot de snavel van de noordse stern een zwarte punt. Als de vogels de vleugels opgevouwen hebben, dan steken bij de visdief de punten van de vleugels tot voorbij de staartpunten, terwijl bij de noordse stern de staartpunten verder reiken.
Campagne kustvogels
Met een aantal van de vogelsoorten die langs de kust voorkomen, gaat het niet goed: tapuit en velduil hebben baat bij dynamisch duinbeheer, kluut en grutto bij meer kwelders. Vogelbescherming start daarom een campagne voor kustvogels. Vogelbescherming wil een kust met natuurlijker duinen, strandzones waar vogels weer kunnen broeden, en plekken waar eb en vloed op een veilige manier het landschap weer kunnen vormgeven. Een kust met ruimte voor vogels en mensen. Zelf vogels kijken langs de kust? Op een speciale gratis kustvogelkaart vindt u van de mooiste vogelkijkgebieden detailkaartjes, informatie en kijktips.











